editie 20 / september 2006

Lira Fonds-beleid

Toneelopdrachten

Met ingang van 1 januari 2005 zijn nieuwe regels van kracht geworden voor het aanvragen bij het Lira Fonds van subsidies ten behoeve van schrijfopdrachten bij het toneel.

Vanaf 1 januari 2005 stelt het Lira Fonds aan de hoogte van het schrijfhonorarium financiële minimumvoorwaarden. Als aan die financiële minimumvoorwaarden is voldaan, betaalt het Lira Fonds bij een positief besluit over de subsidieaanvraag 2/3 deel van het schrijfhonorarium, onder de voorwaarde dat de opdrachtgever zelf uit eigen middelen of anderszins 1/3 deel betaalt.

Het Lira Fonds maakt er geen geheim van dat het de bedoeling van deze maatregel is om de schrijfvergoeding voor toneelauteurs op een wat hoger en redelijker niveau te brengen, zonder de verhoging alleen ten laste van de opdrachtgever te laten komen.

Het Lira Fonds verstrekt alleen schrijfsubsidies, indien de aanvrager aan de toneelschrijver op zijn minst de relevante minimumtarieven betaalt. Is het aan de toneelschrijver geboden honorarium hoger dan genoemde minimumtarieven, dan kán het Lira Fonds besluiten een hogere bijdrage te betalen dan uit het minimumtarief zou volgen, maar nooit meer dan 2/3 deel van het totale honorarium.

Bij oorspronkelijke toneelstukken gaat het Lira Fonds uit van de volgende minimumtarieven:

- tot en met een speelduur van 30 minuten: e. 3.405

- van 30 tot en met 60 minuten: e. 5.670

- langer dan 60 minuten: e. 7.940

Ten aanzien van schrijfopdrachten voor toneelbewerkingen en toneelvertalingen worden door het Lira Fonds de zojuist aangeduide minimumtarieven voor toneelschrijfopdrachten voor oorspronkelijke stukken gehanteerd verminderd met 40%.

Bij bewerkingen en vertalingen, dus toneelstukken naar een bestaande tekst, gelden op grond daarvan de volgende minima: 

- tot en met een speelduur van 30 minuten: e. 2.043

- van 30 tot en met 60 minuten e. 3.402

- langer dan 60 minuten: e. 4.764

In bijzondere gevallen kan het Lira Fonds van deze uitgangspunten afwijken als er naar zijn oordeel een goede aanleiding toe bestaat.

 

Toneelvertalingenfonds

Het Lira Fonds beschikt in het toneelvertalingenfonds over een heel klein sub-fonds dat bedoeld is om in incidentele gevallen de Nederlandse auteur van een oorspronkelijk Nederlandstalig toneelstuk te helpen zijn/haar stuk in het buitenland te plaatsen.

Het toneelvertalingenfonds ondersteunt het plaatsingsproces, een plaatsingsproces bij concreet gebleken belangstelling, direct verbonden met een recente voorstelling en gericht op de auteur die benaderd wordt met het verzoek een vertaling te leveren. Vanwege het belang van de auteur zet het Lira Fonds in zulk soort gevallen de regel opzij dat subsidieaanvragen alleen door rechtspersonen ingediend kunnen worden, niet door individuen. Het is dus de auteur van het opgevoerde toneelstuk die het verzoek dient te doen.

Het toneelvertalingenfonds is veel te gering van omvang om ten aanzien van alle ooit met succes gespeelde Nederlandse toneelteksten één of meer vertalingen  te helpen vervaardigen. Vanwege deze beperking staat het vertalersfonds alleen ter beschikking van toneelauteurs in heel specifieke omstandigheden. Er moet sprake zijn van een Nederlandse toneeltekst van een Nederlandse professionele auteur en voorstellingen van die tekst dienen door een professioneel gezelschap nog ten tonele te worden gebracht op het moment dat de aanvraag wordt ingediend. De aanleiding tot de aanvraag dient dan ook te liggen in het aantoonbare feit dat er naar aanleiding van de voorstellingen concrete buitenlandse belangstelling voor opvoeringen in een andere taal bestaat.

De bijdrage van in de regel 2250 euro wordt ter beschikking gesteld niet in de vorm van een gewone subsidie, maar in de vorm van een zo veel mogelijk terug te betalen voorschot. Het ter beschikking te stellen bedrag is uitsluitend bedoeld als bijdrage aan het opdrachthonorarium voor de vertaler, niet voor zijn eventuele reis-, verblijf- en overige kosten. Het wordt in twee gelijke delen ter beschikking gesteld, de eerste helft na terugzending van een door twee partijen, de auteur van het oorspronkelijke Nederlandse toneelstuk en de vertaler voor akkoord getekend exemplaar van de brief van het LIRA Fonds waarin de voorwaarden en afspraken zijn vastgelegd; de tweede helft na toezending aan het bureau van het LIRA Fonds van de tekst van een volledige vertaling in een vreemde taal.

Voorwaarde voor uitbetaling is dat het vertaalproject doorgang vindt in de vorm zoals in de aanvraag beschreven en in een juridische situatie waarin de auteursrechten op het stuk exclusief bij de auteur van het stuk berusten en de vertaalrechten bij de vertaler.

Het bij wijze van voorschot door Lira beschikbaar gestelde bedrag dient zo veel mogelijk uit het auteursdeel van de eventuele recette of eventuele andere inkomsten die een direct gevolg zijn van de opvoering van het vertaalde stuk zoals minimumvergoedingen per voorstelling, te worden terugbetaald. Dat gebeurt door steeds 1/3 deel van de daadwerkelijk door de Nederlandse auteur ontvangen recette of minimumvergoedingen aan te wenden ter aflossing van het van het LIRA Fonds ontvangen voorschot. 

Het bureau van het LIRA Fonds verwacht een eerste aflossingsoverzicht uiterlijk één jaar na de beoogde buitenlandse première. Mocht op deze manier niet het hele voorschot terugbetaald kunnen worden, dan kan het bestuur van het LIRA Fonds besluiten het voorschot twee jaar na de beoogde buitenlandse première alsnog het karakter van een subsidie te geven, uitsluitend indien het bureau van van het Lira Fonds de beschikking heeft gekregen over een tevreden stellend financieel overzicht betreffende de resultaten van die twee jaar sinds de première.

Nadere formulering van beleid

Sinds enige tijd wordt binnen het Lira Fonds geprobeerd het in de loop der jaren gegroeide beleid te expliciteren en nader onder woorden te brengen, zo veel mogelijk aan de hand van de feitelijke besluitvorming. Het initiatief hiertoe is genomen door de adviescommissie. Als deze commissie zich kan vinden in een tekst waarin het beleid nader wordt geformuleerd, zal die tekst ter goedkeuring voorgelegd worden aan het bestuur van het Lira Fonds. Vooral voor zover uitvoering van het nader geformuleerde beleid verschillen met het verleden met zich mee zal brengen, zal hierover in het Lira Bulletin informatie worden verschaft.

Nadere informatie

Nadere informatie over alle aangelegenheden van het Lira Fonds is te vinden op www.lira.nl/lirafonds en telefonisch te verkrijgen bij Lira-medewerker Bart Schomaker die het secretariaat over het Lira Fonds voert: telefoon 023-799 78 07 of per e-mail: bart.schomaker@cedar.nl.

KH