AI & Auteurschap: hoe gaat Lira om met AI-geschreven teksten?
In deze rubriek volgt Lira Nieuws de ontwikkelingen rond AI en auteursrecht. In de vorige bijdrage ging het vooral over het gebruik van werk van auteurs voor het trainen van generatieve AI (hierna: AI). Maar hoe zit het met auteurs die zelf voor hun werk gebruikmaken van AI? En wat betekent het voor de uitkering van vergoedingen door Lira?
Beeld: Zach M | Unsplash
Die vraag wordt steeds relevanter. Voor een groeiend aantal auteurs speelt AI een rol in het schrijfproces: van het verkennen van invalshoeken, het uitwerken van personages tot het herschrijven van passages, het aanscherpen van formuleringen of het zoeken naar de juiste toon en context. Daarmee wordt de grens belangrijker tussen een auteur die AI als hulpmiddel inzet, en een tekst die in wezen door het AI-systeem zelf is gegenereerd.
Juist die grens is voor Lira van belang, omdat wij vergoedingen verdelen voor auteursrechtelijk beschermde, menselijke schrijfprestaties.
Wat zegt het auteursrecht?
Het uitgangspunt in het auteursrecht is helder: bescherming ontstaat alleen als een werk het resultaat is van menselijke, creatieve keuzes.
Dat volgt uit vaste rechtspraak van het Hof van Justitie van de EU, waaruit volgt dat er sprake moet zijn van een “eigen intellectuele schepping” van de auteur: een resultaat waarin vrije en creatieve keuzes van een mens tot uitdrukking komen.
Dat uitgangspunt werkt ook door bij AI. Volledig door AI gegenereerde teksten zijn in beginsel niet auteursrechtelijk beschermd. Dan ontbreekt immers de menselijke maker die creatieve keuzes heeft gemaakt waarop het auteursrecht rust.
En als AI alleen een hulpmiddel is?
Daarmee is niet gezegd dat elk gebruik van AI auteursrecht in de weg staat. In veel gevallen wordt AI gebruikt als hulpmiddel, net als andere software. Ook dan blijft de kernvraag dezelfde: heeft de auteur zélf de wezenlijke creatieve keuzes gemaakt?
Een schrijver die AI inzet om ideeën te ordenen, een eerste opzet te maken of varianten te verkennen, verliest niet automatisch zijn auteursrecht. Maar wie volstaat met het invoeren van een prompt en de uitkomst vrijwel ongewijzigd overneemt, komt al snel in ander vaarwater. Dan wordt het lastig om nog te zeggen dat de tekst het resultaat is van eigen creatieve keuzes.
Wat betekent dit voor Lira?
Deze juridische lijn vertaalt zich direct naar de praktijk van Lira. Wij verdelen vergoedingen voor auteursrechtelijk beschermde teksten van natuurlijke personen. Volledig AI-gegenereerde teksten komen dus niet in aanmerking voor uitkering. Voor teksten waarbij AI als hulpmiddel is gebruikt, kan dat anders liggen, maar alleen als de auteur zelf de wezenlijke creatieve keuzes heeft gemaakt.
Maar hoe stel je (de mate van) AI-gebruik vast?
Daar begint het lastige deel. Aan een tekst is meestal niet te zien hoe die tot stand is gekomen. Dat probleem speelt niet alleen bij Lira. Ook scholen en universiteiten worstelen met dezelfde vraag: hoe stel je vast of een tekst (door een student) zelf is geschreven, of grotendeels met AI tot stand is gekomen?
Er bestaat nog geen betrouwbare manier om AI-gebruik achteraf sluitend vast te stellen. Detectietools blijken vooralsnog beperkt bruikbaar. Daarom hebben verschillende universiteiten inmiddels richtlijnen opgesteld over het gebruik van AI door studenten. Daarin wordt AI vaak toegestaan als hulpmiddel, maar alleen als studenten transparant zijn over het gebruik en zelf verantwoordelijk blijven voor de inhoud. De nadruk in het onderwijs verschuift dan ook steeds meer naar transparantie, verantwoordelijkheid en eigen verklaringen van de gebruiker, in plaats van harde technische controle.
Diezelfde realiteit geldt ook voor Lira.
De lijn van Lira
Tegen die achtergrond hebben we in Mijn Lira een verklaring toegevoegd bij het opgeven van werken. Daarin bevestigt de auteur zelf de maker te zijn en de wezenlijke creatieve keuzes te hebben gemaakt, ook bij eventueel gebruik van AI.
Dit sluit aan bij onze bestaande werkwijze: Lira gaat in beginsel uit van de juistheid van de opgave van de auteur. Net zoals bij plagiaat ligt de eerste verantwoordelijkheid bij degene die het werk indient.
Waar nodig stellen wij achteraf aanvullende vragen of verzoeken wij om toelichting, op basis van onze uitgebreide controleprotocollen. Achter de schermen monitoren wij uiteraard ook de ontwikkelingen en het gebruik van AI actief. Het kan daarom verstandig zijn om als auteur je werkproces, zeker bij gebruik van AI, te documenteren. Dat maakt het makkelijker om, als daar vragen over ontstaan, inzicht te geven in de eigen creatieve bijdrage.
Daarmee is ook duidelijk hoe Lira deze ontwikkeling benadert. Nieuwe technologie verandert het schrijfproces, maar niet het uitgangspunt waarop wij onze vergoedingen baseren: het werk van de auteur zelf.
Michelle Mastenbroek
