editie 75 / augustus 2026

Vertalersgeluktournee; een eerbetoon aan de vertalers

In boekhandel Donner in Rotterdam geven vertalers Jan Willem Bos en Charlotte van Rooden een uniek inkijkje in het vertalen van romans uit het Roemeens naar het Nederlands.

Vertalersgeluktournee; een eerbetoon aan de vertalers

Vlnr Jan Willem Bos, Pavle Trkulja en Charlotte van Rooden / Beeld: Boekhandel Donner


Literair vertalers toeren in mei en juni door Nederland om hun vertaalgeluk te delen. De Vertalersgeluktournee laat zien hoe het vertaalproces in zijn werk gaat en hoe vertalers een Nederlandse stem geven aan romans uit onder meer de Roemeense, Franse, Noorse, Engelse, Duitse en Italiaanse literatuur.

Half juni is het in boekhandel Donner de beurt aan Jan Willem Bos, vertaler van Theodoros van Mircea Cărtărescu (De Bezige Bij), en Charlotte van Rooden, vertaler van Het vreemde en aangrijpende leven van Prita Barsacu van Iulian Bocai (De Geus). Beide vertalers zijn samen met hun auteurs genomineerd voor de Europese Literatuurprijs.

Achtergrond van de vertalers
Jan Willem Bos (1954) vertaalde zo'n dertig boeken uit het Roemeens en publiceerde daarnaast ongeveer tien boeken over Roemenië. Voor zijn inspanningen, en met name voor zijn vertalingen van het werk van Mircea Cărtărescu, ontving hij in 2019 de Cultuurfonds Vertaalprijs Martinus Nijhoff. Charlotte van Rooden (1993) vertaalt uit het Roemeens en het Duits. Van 2021 tot 2023 werkte zij als gastlector bij de vakgroep Neerlandistiek aan de Universiteit van Boekarest. In 2025 ontving zij van het Nederlands Letterenfonds de eerste Vertaaltalentprijs voor haar vertalingen uit het Roemeens.

In gesprek met de vertalers
Voorafgaand aan de bijeenkomst spreek ik beide vertalers in het café van de boekhandel. Jan Willem Bos en Charlotte van Rooden blijken de enige twee actieve vertalers uit het Roemeens naar het Nederlands te zijn. Van Rooden: ‘We maken altijd de grap dat we niet samen mogen reizen, want als er dan iets gebeurt is er geen vertaler meer over. Alleen hebben we dat net wel gedaan.’ Bos: ‘Ik maakte me zorgen over de toekomst van de Roemeense literatuur in Nederland, totdat ik Charlotte ontmoette.’ Van Rooden vertelt dat Bos vanaf het begin zeer behulpzaam was en dat ze altijd bij hem terechtkan voor overleg. Bos vult aan dat ze elkaars werk lezen en samen vertaalproblemen bespreken.

‘Het is net puzzelen, dat maakt ons werk zo uitdagend’

Volgens Van Rooden kunnen die problemen bijvoorbeeld gaan over scheldwoorden. ‘In het Nederlands zijn we daar vrij saai in; we hebben maar een paar scheldwoorden. In het Roemeens maken ze daar iets heel bijzonders van.’ Bos vertelt dat hij een hele zomer heeft nagedacht over een fragment waarin jongens elkaar schunnige moppen vertellen. ‘Ik had stapels papier met Nederlandse uitdrukkingen. Zo'n fragment kan ik niet letterlijk vertalen, dan werkt het niet. Ik heb het volledig herschreven. Dat overleg ik altijd met de auteur. Mijn eerste verantwoording ligt bij hem, maar daarna bij de lezer, die het uiteindelijk moet kunnen begrijpen.’

 

‘Het is net puzzelen,’ zegt Van Rooden. ‘Dat maakt ons werk zo uitdagend.’ Tegelijkertijd vraagt het veel research. ‘In mijn boek wordt een varken geslacht volgens tradities die in Roemenië bekend zijn, maar die ik de Nederlandse lezer moet uitleggen. Anders is het niet te begrijpen.’ Beide vertalers benadrukken dat hun werk niet vanzelf op hen afkomt. Soms moeten zij jarenlang aandacht vragen voor een boek voordat een Nederlandse uitgever geïnteresseerd raakt.

Europese Literatuurprijs
Na ons gesprek is het tijd voor de bijeenkomst in het theater van Donner. De boekhandel beschikt niet alleen over de grootste collectie boeken van Nederland, maar ook over een eigen theaterzaal. Pavle Trkulja, slavist en Balkankenner, opent de middag met een toelichting op de Europese Literatuurprijs. Deze prijs bekroont jaarlijks de beste roman die vanuit een Europese taal naar het Nederlands is vertaald. Zowel de schrijver als de vertaler van de winnende roman ontvangt 10.000 euro prijzengeld. Jan Willem Bos en Charlotte van Rooden staan beiden op de longlist.

Als eerste vertelt Jan Willem Bos over Theodoros van Mircea Cărtărescu. De auteur is in Roemenië een ware literaire sensatie. Het boek was lastig te vertalen omdat het volledig in de tweede persoon is geschreven. Op de eerste pagina kwam het woordje 'je' al dertig keer voor. Daar moest een oplossing voor worden gevonden. Daarnaast is het taalgebruik geïnspireerd op de negentiende eeuw. Om de juiste toon te treffen stelde Bos een lijst samen met woorden die tegenwoordig nauwelijks nog worden gebruikt, zoals 'snoeven' en 'avondrood'. Ook de zeer lange zinnen maakten het vertaalwerk complex. Juist die uitdagingen maken het werk van vertaler zo mooi.

‘Soms moest ik behoorlijk ingrijpen om de grap te redden’

Vervolgens vertelt Charlotte van Rooden over Het vreemde en aangrijpende leven van Prita Barsacu van Iulian Bocai. Ze was direct verliefd op de novelle en zette zich sinds 2021 in om het boek vertaald te krijgen. Ze had veel plezier in het vertalen, hoewel ook dit boek lange zinnen en ingewikkelde bijzinnen bevatte. Het taalgebruik wisselt voortdurend tussen plechtig en plat. Daarnaast komt er een associatie met een insect in voor, waarvoor zij creatieve oplossing moest vinden. Zij neemt het publiek hierin mee. Ook hier blijkt een letterlijke vertaling vaak onmogelijk. ‘Soms moest ik behoorlijk ingrijpen om de grap te redden.’ Om zich nog beter in het verhaal te kunnen verplaatsen, bezocht Van Rooden samen met de auteur zelfs het dorp waar de roman zich afspeelt.

Uitdagingen
Als intermezzo lost Levente Vervoort, lid van de Vereniging van Letterkundigen en literair vertaler, samen met het publiek een vertaalprobleem op. Het gaat om een tekst uit 1941, waarin beleefd taalgebruik wordt gecombineerd met grove formuleringen. Het publiek krijgt drie mogelijke vertalingen voorgeschoteld. De oefening maakt goed inzichtelijk voor welke keuzes een vertaler komt te staan. Daarna gaat moderator Pavle Trkulja met beide vertalers in gesprek over hun werkwijze en krijgt het publiek de gelegenheid om vragen te stellen.

Het is mooi om te zien hoeveel aandacht er tegenwoordig is voor het werk van vertalers, zowel in de vorm van prijzen als tijdens inhoudelijke bijeenkomsten als deze middag. Hoewel hun werk onder druk staat van AI, laat deze bijeenkomst zien dat vertalers onvervangbaar zijn.

 De Vertalersgeluktournee werd mede mogelijk gemaakt door het Lira Fonds.

Dorine van der Wind